Het gaat teveel over het glazen plafond en te weinig over het technologische plafond

Julie de Widt-Bakker
Leestijd, 2 min.  

Wie praat over opkomende markten, praat al snel over landen in Azië, Afrika of Zuid-Amerika. Dat zijn uiteraard belangrijke markten voor bedrijven. Er is echter een nog veel belangrijker opkomende markt die tot nu toe maar weinig aandacht krijgt: vrouwen.

Volgens een publicatie van de Harvard Business Review hebben wereldwijd een miljard vrouwen een betaalde baan. Dat aantal zal de komende jaren groeien naar 1,2 miljard. Tegelijkertijd stijgt ook hun gemiddelde inkomen met 8,1 procent (tegen 5,8 procent voor mannen). Dat is goed nieuws voor vrouwen, maar beslist geen reden om achterover te leunen.

Het rapport The Future of Jobs van het World Economic Forum (WEF) wijst namelijk op de enorme impact van technologie op de samenleving. Door verdergaande automatisering en de opkomst van robots zullen er volgens het WEF tot en met 2020 netto vijf miljoen banen verdwijnen. Dat zijn vooral banen waarin vrouwen zijn oververtegenwoordigd, zoals administratieve beroepen. Voor vrouwen betekent dit, dat we niet langer zozeer beducht moeten zijn voor het glazen plafond, maar voor het technologische plafond.

Het WEF roept op om nu actie te ondernemen: “Zonder urgente en gerichte actie om deze naderende transitie te managen en te bouwen aan een personeelsbestand met vaardigheden die belangrijk zijn in de toekomst, zullen overheden moeten omgaan met blijvend groeiende werkloosheid en -ongelijkheid, en bedrijven met steeds minder klanten.”

Technologie is inmiddels overal – in elk beroep kom je dat tegen: van maakindustrie tot en met de zorg. Daarom is het belangrijk dat vrouwen meedenken en mee ontwikkelen als het om technologie gaat. We moeten af van de gedachte dat technologie vooral een mannenzaak is. Organisaties als VHTO – een landelijk expertisebureau meisjes/vrouwen in bèta/techniek – hebben al veel bereikt, onder andere door het organiseren van Girlsday. Maar ook initiatieven als #Techionista, Inspiring Fifty en Women in Technology geven specifiek aandacht aan (meer) vrouwen in technologie. In veel gevallen is er nauwe samenwerking met grote technologiebedrijven. Doel is om meisjes en jonge vrouwen te interesseren voor techniek en technologie door te laten zien wat er met technologie mogelijk is. Deze initiatieven werpen vruchten af. Inmiddels kiest een flink deel van de meisjes op havo en vwo voor een betàprofiel. Ook de instroom van vrouwen naar technische studies in het wo en hbo stijgt.

Dat is maar goed ook als je kijkt naar het grote tekort aan technische profielen in de Nederlandse arbeidsmarkt. Daarom verdienen initiatieven als Girlsday brede steun, maar is het eigenlijk élke dag belangrijk. Onderzoek laat zien dat meisjes en vrouwen in een techomgeving zorgen voor creativiteit, ideeënvorming en samenwerken. Dat zijn eigenschappen die de IT-sector heel goed kan gebruiken nu bedrijven in deze branche veel meer dan voorheen de gebruiker en niet de software of hardware centraal plaatsen. Dat vraagt om meer dan harde, technische skills.

Ik roep daarom de politiek, het onderwijs, bedrijfsleven en ouders op om van elke dag een Girlsday te maken. Het moet wat mij betreft niet langer gaan om het glazen plafond, maar om het technologische plafond.

Meer informatie over Microsoft maatschappelijk verantwoord ondernemen

Leer meer over onze bijdrage

Artikelen die jou wellicht interesseren: